Selecteer een pagina

Wij – Judith en Mirjam – zien leren, ontwikkelen en veranderen als een avontuur. Een avontuur waarin je wordt uitgedaagd je grenzen te verleggen, waarin je nieuwe dingen leert en waarmee je “beter” wordt of je in ieder geval beter gaat voelen. Door verandertrajecten te ontwerpen als leerreis of veranderavontuur, wekken wij extreme leergierigheid op bij zowel deelnemers (we noemen ze in dit artikel reizigers) als bij begeleiders van de verandering (we noemen ze in dit artikel reisleiders) vanaf het begin tot ver na het einde. Iets waar iedere veranderaar – of je nu trainer, coach of anderszins begeleider van leren en ontwikkelen bent – van droomt!

veranderavontuur leren veranderen avontuur

Een (verander)avontuur bestaat uit vier fasen:

Fase 1: het vertrek

In deze fase zorg jij er als veranderaar voor dat de reizigers het avontuur willen en durven aangaan. Je zet als het ware de leergierigheid bij de reizigers aan. Aan jou als reisleider de taak om samen met de reizigers op zoek te gaan naar redenen om in beweging te komen en om mee te gaan op avontuur. Dat de één gaat voor het mooie uitzicht en de ander voor de prestatie, is ok. Zolang iedereen in deze fase maar zijn eigen “why”  ontdekt. In deze zoektocht kom je tegelijkertijd de weerstanden tegen die er eventueel nog zijn. Durft iemand nog niet omdat hij opziet tegen de fysieke inspanning of heeft hij toevallig hoogtevrees? Pas na deze uitgebreide verkenning waarin jij een prominente rol speelt, kunnen reizigers volmondig “JA” zeggen en hun backpack of koffer gaan pakken.

Daarnaast heb jij als reisleider de taak om de route al vanaf begin af aan zo in te richten dat de reizigers in logische stappen, die precies groot en uitdagend genoeg zijn, naar hun eindbestemming komen. Maak je te grote stappen dan haken er reizigers af. Maak je te kleine stappen dan slaat de verveling toe. Maak je onlogische stappen dan raken mensen hun vertrouwen kwijt. Het uitstippelen van de juiste route is van essentieel belang. Wij noemen dat het ontwerpen van de leerroute.

Fase 2: het avontuur

Het avontuur zelf: Dit is de fase waarin reizigers echt buiten hun comfortzone stappen. In deze fase leren reizigers alles wat nodig is om straks – op de eindbestemming – dát gedrag te laten zien wat nodig is om succes te hebben. Het is de fase waarin je als reisbegeleider stuurt op weten en kunnen, theoretische kennis daar waar het noodzakelijk is, maar (vooral!) veel oefening in de nieuwe vaardigheden die nodig zijn om de (gedrags)verandering tot stand te brengen! De fase van weten en kunnen is de fase waarin de reizigers beseffen dat hun lef en hun leergierige houding hen iets beginnen op te leveren. De reizigers raken door de zorgvuldig geplande interventies op weten en kunnen vertrouwd met de door hen nieuw ingeslagen weg. Jouw professionele en deskundige leiding geeft hen in deze fase nog de zekerheid die nodig is om in een redelijk veilige omgeving nieuwe dingen te ontdekken en te oefenen met nieuw gedrag.

Jij zorgt er als reisleider voor dat er een goede opbouw zit in de interventies, zodat de reizigers ervaren wat het toepassen van het geleerde hen oplevert in de praktijk. Je maakt de interventies zo interessant, zo levensecht en zo onvergetelijk mogelijk. Wanneer je dit goed doet, dan blijft de leergierigheid uit fase 1 continue aangewakkerd.

Fase 3: de thuiskomst

De thuiskomst: Dit is de fase waarin reizigers het nieuw geleerde toepassen in hun dagelijkse werkpraktijk. In deze fase is het zaak om het nieuwe  – soms nog wat onwennige gedrag – te integreren in de dagelijkse werkpraktijk tot op het punt waarop de reiziger zich niet meer kan herinneren dat hij het ooit lastig vond. Als reisleider stuur je in deze fase op doen en volhouden. Als het avontuur tot nu toe voorspoedig verloopt, dan hebben de reizigers bij thuiskomst zonder twijfel de smaak te pakken en hebben ze de intentie, vol goede moed, voort te zetten wat ze op reis hebben geleerd. Het is dan vooral zaak dat enthousiaste en zelfverzekerde gevoel “thuis” vast te houden. Ook wanneer er sleur dreigt op te treden, de waan van de dag de goede voornemens naar de achtergrond probeert te drukken of in situaties waarin de thuisblijvers iets minder relaxed reageren dan de mensen die mee waren op avontuur en in de vakantie-modus stonden.

Fase 3 is de fase waarin je als reisleider stuurt op doen en volhouden in de praktijk. Jij bent het die zorgt dat de herinneringen levend blijven, dat successen gevierd worden en dat iedereen op koers blijft. De leergierigheid blijft in deze fase “aan” staan wanneer je met jouw interventies steeds weer weet te prikkelen en op precies de juiste momenten weet te verrassen. Over dat precies op tijd valt overigens nog veel te zeggen. Het belangrijkste voor nu: breng van tevoren in kaart welke voorspelbare momenten (moeilijke én memorabele momenten van succes) zich voor zullen doen in de praktijk en ontwerp daar vooraf een aantal interventies voor. Dat maakt de kans dat reizigers van de wagen vallen heel erg klein!

Fase 4: verlangen naar meer!

Het verlangen naar het volgende avontuur: De leergierigheid die je in fase 1 hebt aangezet, in fase 2 hebt aangewakkerd en in fase 3 hebt omgezet in successen, wil je niet verloren laten gaan! Jij stuurt in fase 4 op verder groeien en doorgeven, simpelweg omdat leergierigheid en verandering op gang brengen meer tijd, energie en geld kosten dan nu het vuurtje aangewakkerd houden!

Is het jou als reisleider gelukt om in fase 1, 2 en 3 precies de juiste interventies in te zetten en zijn er als gevolg daarvan door de reizigers voldoende successen ervaren? Dan is de kans heel groot dat de reizigers jou in fase 4 spontaan gaan vragen wanneer er weer een reisje gepland staat. Nieuwsgierigheid en leergierigheid ten top! Dit is waar je het allemaal voor hebt gedaan!

De honger naar méér kan zich uiten in:

  • weer op avontuur willen naar een andere, nu nog verdere, bestemming (meer leren)
  • nog eens terug willen naar dezelfde bestemming maar nu wat langer blijven (verdiepen)
  • de herinneringen van het vorige avontuur willen delen met collega’s, met klanten of met wie de avondvullende dia-show maar wil zien 😉 (een breder effect creëren en zo het geleerde, inclusief de bijbehorende leergierigheid doorgeven!)

 

De succesfactoren voor een veranderavontuur

Dat klinkt allemaal wel heel mooi zo’n veranderavontuur, maar waar loop je als reisleider(s) nu tegen aan en wat helpt je om echt op reis te gaan? We noemen hieronder drie factoren die van belang zijn:

1. Werk vanuit scherpe doel- en resultaatbepalingen gericht op gewenst gedrag en in lijn met het groter geheel (de organisatiedoelstellingen):

Aan een reis “op de bonnefooi” doet maar een klein gedeelte van de westerse bevolking graag mee. Zorg er daarom voor dat de bestemming glashelder is. Als de bestemming niet helder is dan is het onmogelijk om mensen mee te krijgen en om een goede route te bepalen.

De reis draait om een verandering van gedrag. Dat betekent dat de bestemming beschreven moet zijn in termen van gedrag. Hoe wil je dat de reizigers zich gedragen als ze bij de bestemming zijn aangekomen? Het heeft geen zin om mensen van A naar B te laten reizen, als ze aangekomen bij B exact hetzelfde gedrag laten zien als bij A. Het klinkt heel logisch, toch blijkt in de praktijk dat hier de crux zit. In de meeste leer- en verandertrajecten wordt alleen gestuurd op weten en kunnen en niet op willen, durven, doen en volhouden.

Dus: Doe aan excellente voorbereiding. Weet exact waar de reis naartoe gaat in termen van gedrag. Weet exact wie je in je reisgezelschap hebt. Weet welk gedrag het behalen van de eindstreep in gevaar brengt en wat dus afgeleerd “moet” worden en weet met welk gedrag de eindstreep dichterbij komt en wat de reizigers tijdens het avontuur dus “moeten” aanleren.

2. Breng voorspelbare momenten en situaties in kaart en zet vooraf interventies klaar:

Net zoals er in ieder wintersportseizoen minimaal 1 reiziger met een gipsvlucht naar huis moet, zo is het op een leerreis onvermijdelijk dat er een aantal reizigers zijn die je aan het eind van fase 1 nog een beetje moet helpen om over de laatste bezwaren heen te stappen alvorens zij volmondig ja kunnen zeggen. En net zoals een reiziger van een lowbudget all-inclusive reis zonder twijfel teleurgesteld zal zijn wanneer hij thuis alsnog een rekening ontvangt voor het gebruik van de mini-bar (omdat in de kleine lettertjes stond dat die mini-bar buiten het arrangement viel), zo kan je voor de leerreiziger in grote lijnen voorspellen tegen welke tegenvaller hij op welk moment (ongeveer) zal aanlopen.

Dus: Hoe een verandertraject loopt is voor een groot deel te voorspellen. Als jij er als reisleider voor zorgt dat je een groot deel van je interventies klaar hebt staan vóór vertrek, dan kan je ze op precies de juiste momenten inzetten, waardoor je je reizigers optimaal ondersteunt.

3. Leef je in in de emotionele behoefte van de reiziger en intervenieer daar (sterk!) op:

Het is niet voor niets dat we in de beeldspraak een avontuur gebruiken. Een avontuur doet het hart van mensen sneller kloppen, maakt hen nieuwsgierig, daagt hen uit. Alleen het woord al roept een bepaalde emotie op. In verandertrajecten kun je met bewust sturen op emoties het leerproces enorm positief beïnvloeden. Andersom kan natuurlijk ook. Als je niet of niet bewust stuurt op emotie, dan nemen negatieve emoties tijdens het avontuur snel de overhand en zorgen voor extra werk, onnodig gedoe of zelfs afhaken.

Dus: Stuur tijdens verandertrajecten niet uitsluitend op functionele doelen, maar ook op emotionele doelen. Het zal in het begin een beetje wennen zijn om je tijdens het ontwerpen en begeleiden van het avontuur op ieder moment af te vragen: “Hoe willen we dat de reizigers zich voor, tijdens en na deze interventie voelen om de kans op succes zo groot mogelijk te maken?” Echter wanneer je ervaart wat deze aanpak oplevert, zal je snel verkocht zijn!

Wil je oefenen met het ontwerpen van een (mini) veranderavontuur?

Begin met dit gedragsveranderend-experiment en krijg de smaak te pakken! Klik hier voor de oefening